Moe maar op en dolend
Zonsondergang op Marriage Mountain
De rook van een afgebrande wereld trekt langzaam op
De geschiedenis is opgegeten en de laatste held verdwenen
Wat rest zijn cold cases, schimmen
en dromeloze nachten
Ne wereld waarin ge niet kunt slapen,
uw ogen open, uw tanden afgeslepen
Existentieel horrortheater. Fascinatie voor de maatschappelijke onderbuik. Obscure thematieken, dissidente figuren en stuitende humor. Pers, critici en programmeurs plakken al jaren woorden op Abattoir Fermé in een poging om hen van een label te voorzien. Met Moe maar op en dolend lijkt het gezelschap rond Stef Lernous, Joost Vandecasteele, Tine Van den Wyngaert en Nick Kaldunski - nu voor het eerst in Leuven - opnieuw in de krochten van de maatschappij te pieren.
Met Moe maar op en dolend zet het Abattoir een volgende stap in de zoektocht naar een eigen theatertaal. Woorden zijn in deze voorstelling overbodig. De macht aan het beeld! Het rauwe beeld, dat plakt op uw netvlies, dat pakt op uw adem en uw zintuigen prikkelt.
Els De Bodt over Moe maar op en dolend in Het Belang van Limburg, 29/03/06
Moe maar op en dolend is een overrompelende voorstelling die je op je af moet laten komen, zonder er meteen een logisch verhaal in te zoeken. Pas dan kan je dit visuele pareltje ten volle waarderen. Zelden bevatte een productie immers zo weinig woorden en zei ze toch zoveel. Vooral de beelden van het heuvellandschap (een met klei bedekte Tine Van den Wyngaert) inclusief een plastic boompje en een speelgoedautootje op de top van de berg en het slotbeeld, met een uit de dood herrezen Mieke Laureys, zijn bijzonder krachtig. Ongemakkelijk word je als toeschouwer van de verkachtingsscène, enkel uitgebeeld door de vrouw, of de scène waarin Joost Vandecasteele zichzelf naakt probeert te verstikken. Maar dat is natuurlijk net de bedoeling. Moe maar op en dolend is een esthetisch verantwoorde voorstelling die blijft nazinderen tot lang nadat je de schouwbrug hebt verlaten.